5 weetjes over egels in de tuin

De afgelopen 10 jaar is het aantal egels in Vlaanderen bijna gehalveerd. Zonde, want die stekelkopjes zijn echt wel nuttige diertjes. Ze ontdoen je tuin met plezier van slakken, spinnen en af en toe zelfs een muis! Wil je de egels in de tuin een handje helpen? Deze 5 weetjes zetten je op weg.

1. Egels houden een winterslaap

Op het einde van november trekken oude egeltjes zich op een veilige plek terug voor hun winterslaap. Jonge egels zie je nog iets langer in je tuin rond waggelen. Tijdens die diepe slaap daalt hun lichaamstemperatuur soms naar 4 graden. Hun ademhaling valt bijna stil en de spijsvertering stopt.

Om comfortabel de winter door te komen, snoepen ze hun buikje rond in de maanden ervoor. Zo hebben ze genoeg vetreserves. In de vroege lente – eind maart en begin april – stijgt de buitentemperatuur naar 12 tot 15 graden. Hét moment om opnieuw egels in je tuin te spotten. Zie je voor die periode al een lusteloze egel rondhobbelen? Help hem dan, want anders redt hij het niet.

2. Egels schuilen graag in de tuin

Egeltjes houden zich vooral op in struikgewas en dichtbegroeide tuinen en parken. Ze verkiezen plaatsen met veel hoeken en kanten. Omdat ze daar altijd wel een verstopplaats vinden bij gevaar, voelen ze zich daar het veiligst.

Ook hun nestje maken ze onder een haag of een stapel takken of in een composthoop. Van juni tot augustus zorgen de ouders voor hun jongen. In de herfst scheiden hun wegen en bouwen ze hun winternesten.

Wil je graag egels in je tuin? Zorg dan voor extra beschutting: ruim je tuin niet te vaak op, want die stekelige beestjes houden niet van netheid. Anders vinden ze geen lang gras of een hoop takken om zich te verschuilen.

Door dood hout of snoeiafval op een rustige plek op elkaar te laten liggen, help je hen daarom het best. Een egelhuisje is ook een prima schuil- en slaapplaats. Dat maak je eenvoudig zelf of haal je in de winkel.

3. Egels kruipen van tuin tot tuin

Egeltjes vertoeven niet alleen in jouw tuin. Ze zoeken en verzamelen hun voedsel in meerdere tuinen in de buurt. Een vaste omheining rond je tuin is dus geen goed idee.

Inheemse bloemen en planten zijn ideaal: de egels in je tuin geraken veilig van de ene tuin naar de andere. Bovendien trekken die planten ook insecten zoals slakken en kevers aan. Meer voedsel voor de egel én de vogels in je tuin. Heb je al een omheining staan? Maak er dan een egelpoortje in: een gat van 15x15 cm onderaan in de afsluiting.

4. Egels lopen ook gevaar in je tuin

Heb je een vijver? Voorzie dan zeker een loopplank of een stevig trapje zodat egels uit het water geraken. Want hoewel egels goede zwemmers zijn, verdrinken ze wel in vijvers met rechte randen.

Heb je egels in je tuin gespot? Gebruik dan zeker geen insecticiden en slakkenkorrels. Want die doden het voedsel van de egel.

Nog een tip? Laat afval, touwtjes of tuinmateriaal niet zomaar rondslingeren. Want de nieuwsgierige stekelkopjes steken hun snuitje overal in en dreigen zo gemakkelijk vast te komen zitten.

5. Egels eten alles

Wat eten egels nu eigenlijk? De egel behoort tot de insecteneters, maar eigenlijk eet hij alles. In de natuur vindt hij slakken, regenwormen, spinnen en kevers. Daarnaast doet hij zich ook te goed aan dode vogels en jonge muizen. Van fruit en zachte zaden snoept hij ook graag.

Egels hebben een erg goeie neus en vinden zo gemakkelijk genoeg voedsel. Toch mag je de egels in je tuin ook bijvoederen. Zeker in de herfst, wanneer ze zich klaarmaken voor de winter. Deze hapjes laten ze zeker niet staan:

  • speciaal egelvoer uit de winkel
  • droog of nat kattenvoer
  • meelwormen
  • rauwe eieren, met muesli en pindakaas

Koemelk laat je beter achterwege: daar krijgen egels diarree van. Een ondiep schaaltje water is prima – zeker in droge periodes

Klaar om de egels in je tuin te verwennen? Bij je Maxi Zoo vind je genoeg voor een heerlijk tuinbuffet.

In samenwerking met Natuurpunt.

In samenwerking met Natuurpunt.

Afbeeldingen