Abessijn: een speelse kat verzot op de eigenaar

Geschiedenis

Over de exacte herkomst van de Abessijn kat is niet veel bekend. Hij lijkt in ieder geval zeer op de katten die veel voorkwamen in het Oude Egypte. Dit betekent dat dit kattenras al eeuwenlang bestaat. Het duurde echter tot begin 1900 voordat er in Engeland en Amerika mee werd gefokt. Deze kattensoort heeft vooral overeenkomsten met de kleine wilde Lybische kat.

Uiterlijke kenmerken

Dit kattenras wordt gemiddeld 12 tot 15 jaar oud. De Abessijn grootte is middelgroot en het Abessijn gewicht ligt tussen de 2,5 en 5 kilo. De oogkleur is groen of goud.

De kleurrijke kat kenmerkt zich door een korte vacht voorzien van een getickt tabby patroon. Het gespikkelde vachtpatroon is er in de kleuren rossig, rood, blauw, reebruin en kaneel. De kleurstroken geven de vacht rijkdom en diepte.

Tot slot is hij elegant, gespierd en heeft een actieve uitstraling. Dit komt voornamelijk door zijn lange nek, grote ogen en zijn harmonieuze zithouding.

Abessijn karakter

Ga je op visite bij een nestje Abessijn kittens? Houd er rekening mee dat het een zeer actieve kat is die veel aandacht vraagt. Hij helpt je het liefst met al je huishoudelijke taken. Daarnaast heeft deze kat een hechte band met jou als eigenaar, maar daarentegen is het weer geen schootkat. Die veeleisendheid is iets waar je tegen moet kunnen. Hij is echter intelligent en daarom beslist een beestje waar je veel plezier aan beleeft.

Mens en dier

Een Abessijn karakter is lief en aanhankelijk. Hij houdt niet van te grote groepen mensen en dieren, maar vindt het ook niet prettig om helemaal alleen te zijn. Hij geniet voornamelijk van volwassenen, kinderen en andere dieren.

Gezondheid en voeding

Deze actieve kat blijft vooral op gewicht door voldoende te bewegen. Daarnaast is ook goede voeding belangrijk. Koop daarom voer dat speciaal is afgestemd op zijn soort, leeftijd en activiteit.

Hygiëne

De Abessijn kat heeft qua vacht weinig verzorging nodig. Wel is het belangrijk om zijn gebit goed te onderhouden en indien nodig langs te gaan bij een dierenarts. Voorkomen is altijd beter dan genezen!